De eerste menstruaties kunnen wat heviger zijn, maar in het algemeen valt de hoeveelheid tijdens de tienerjaren mee: men verliest gemiddeld een kwart minder bloed per menstruatie vergeleken met een volwassen vrouw. Vrouwen boven de 42 hebben het meeste bloedverlies. In de jaren die aan de menopauze voorafgaan, kan het bloedverlies zelfs stijgen met 25 tot 100 procent.
Vroeger kregen vrouwen in een gesprek met hun gynaecoloog wel eens de vraag voorgeschoteld hoeveel maandverbanden of tampons ze gebruikten tijdens hun menstruatie. Aan de hand hiervan kon de gynaecoloog de hoeveelheid bloedverlies schatten. Men ging er toen van uit dat de absorbtiefactor van alle maandverbanden en tampons gelijk was. Uit onderzoek in de jaren tachtig bleek echter dat er enorm veel verschil ontstond in de absorbtiegraad tussen de verschillende produkten. Van vijftien getestte produkten schommelde de absorbtie tussen 1,32 en 94,86 ml. Zelfs identieke produkten bleken keer op keer een andere (welliswaar gelijkaardige) absorbtiegraad te vertonen. Sindsdien wordt deze vraag vrijwel nooit meer gesteld.